Wat er mis is met Het Nieuwe Werken

Het is een grote misvatting te denken dat je de organisatie van de toekomst gaat creëren door medewerkers te voorzien van een snelle laptop en een fris kantoor. Het Nieuwe Werken zoals dat nu Nederland in getoeterd wordt is gestoeld op de verkeerde uitgangspunten. Namelijk dat een nieuwe manier van werken van andere bedrijven te kopiëren is. Managers moeten zich realiseren dat ze niet meteen naar de winkel moeten rennen voor hip meubilair en iPhones, maar zich eerst eens moeten verdiepen in het werk dat binnen hun organisatie wordt uitgevoerd.

Over Het Nieuwe Werken (dat we blijkbaar met hoofdletters moeten schrijven, dus HNW) is de afgelopen paar jaar veel geblogd en gepowerpoint. Vooral door consultants en IT leveranciers, maar ook door managers die dit label aan hun project hebben bevestigd. De motieven voor het deelnemen in deze hype zijn divers: van de oprechte overtuiging van een topman tot een manier om aan te tonen dat je als organisatie meegaat met je tijd of gewoon als handig marketingvehikel. Overeenstemming over een definitie van Het Nieuwe Werken is er nog niet echt. Waarschijnlijk kom je dicht in de buurt met: medewerkers de mogelijkheid bieden om te werken waar, wanneer en hoe ze dat zelf willen.

Dat klinkt als een prijzenswaardig streven dat aansluit bij de tijdsgeest. Maar schijn bedriegt. Want uiteindelijk wordt in de meeste HNW projecten de verandering gezocht in het wegbreken van een paar scheidingswanden, het installeren van nieuwe software of het inrichten van een thuiswerkplek. Dat zijn de tastbare zaken die het meest opvallen bij die andere organisaties waarover je hebt gelezen of waar je bent rondgeleid. En dan is de verleiding voor managers en directies groot om na te bootsen: doe ons ook maar zo’n modern kantoorvloertje. Voor die mensen heb ik slecht nieuws. Innovatie-expert Marty Neumeier legt in zijn laatste boek haarfijn uit waarom in deze tijden het begrip best practice geen waarde meer heeft. De uitdagingen zijn zo groot en veranderen zo snel van karakter dat er geen standaard oplossingen meer zijn. Als manager zul je de oplossing zelf moeten ontwerpen.

Maar wat ontwerp je dan, als het niet die uiterlijke verschijningsvormen zijn? Het antwoord is even voor de hand liggend als gecompliceerd: werk. Het werk dat mensen in een organisatie uitvoeren is waar alles om draait. Als je echt wilt vernieuwen moet je een nieuwe manier van werken ontwerpen. Dat is de echte uitdaging waar we voor staan. En een uitdaging is het zeker. Want werk is complex en wordt alleen maar complexer. Maar gelukkig zijn je medewerkers ook niet meer de simpele radertjes in de machine waar ze vroeger voor werden aangezien. Helaas zijn veel organisaties wel nog gestoeld op die machine metafoor van honderd jaar geleden. Een goede start zou zijn om dat eens te updaten: maak die machine wat minder complex zodat je de creativiteit en energie van je medewerkers de ruimte geeft.

Het voert te ver om hier uit de doeken te doen hoe je een nieuwe manier van werken ontwerpt. Bovendien is daar nog geen eenduidig antwoord op. Het is een zoektocht waar wij middenin zitten. Tot nu toe hebben we vier noodzakelijke ingrediënten gevonden: ontdekken hoe het echte werk in je organisatie in elkaar zit, medewerkers actief inzetten bij het ontwerpproces, inzicht krijgen in het effect dat een werkomgeving op gedrag heeft en beseffen hoe diep oude patronen bij werknemers en leidinggevenden kunnen zitten. Met een ragfijn samenspel van die elementen kun je een organisatie in beweging krijgen en het verschil maken ten opzichte van je concurrenten. Er is helaas geen kortere weg. Hoe verleidelijk de lofzang op Het Nieuwe Werken ook klinkt.

Jeroen van Bree is organisatieadviseur bij YNNO en als promovendus verbonden aan Nyenrode Business Universiteit.

Leave a comment